Tips bij het sleutelen aan de fiets. Voor de één overdreven, (stoat ja wel op YouTube ), Kinst toch zulf ook wel. Voor een ander is elke hulp welkom. Als technisch inzicht je niet in de weg staat en je een spijker moeilijk in 1 keer ’t hout in kunt slaan, is deze avond een uitkomst. Ik ga dus.

Vrijdag 7 februari om 19:00 kunnen leden van Toer’80 “sleutelen aan de fiets” bij onze hoofdsponsor Mulder2Wielers in Winschoten. Onder vakkundige begeleiding wordt het onderhoud van de eigen fiets uitgelegd én uitgevoerd. De racefiets wordt klaar gemaakt voor het komend wegseizoen.

Ik heb de indruk dat het seizoen al begonnen is. Terwijl de ATB’ ers nog stug door de modder ploeteren, zijn er al veel wielrenners op de weg te vinden. Trainen voor de Elfstedentocht, meters maken of gewoon omdat wielrennen toch net iets leuker is dan ATB’en. Gelukkig kan beide bij onze fietstoerclub.

Sleutelen aan de fiets doet mij denken toen ik een jaar of 12 was. Ik had een nieuwe fiets van mijn ouders gekregen, omdat ik van Nieuwe Pekela naar Veendam moest fietsen voor de middelbare school. Het zadel was speciaal voor mij aangepast, want de voetjes kwamen nog niet bij de pedalen. “Hij groeit nog wel,” zei fietsenmaker Harm Heijes op de Zuidwendingerweg. Dat hoopte ik vurig, want ik was de kleinste van de brugklas.

Op een gegeven moment werd de fiets smerig en ik kreeg opdracht om de fiets schoon te maken. In het magazijn van mijn ouderlijk huis had ik de fiets neergezet en met veel ijver begon ik de fiets onder handen te nemen.

Ik nam schoonmaken zo letterlijk dat alle moertjes en boutjes vakkundig door mij werden losgeschroefd en netjes op een rijtje werden gelegd. Althans de eerste 10 boutjes. De rest werd door elkaar op een bult gelegd en toen ik ook de kogellagers uit de lagers had gepeuterd, begon ik te twijfelen of ik wel goed bezig was.

Langzaam keek ik om mij heen en zag overal boutjes, moertjes, kabels, losse spatborden en kleine ronde kogeltjes op de grond. Er zat geen enkele structuur meer in. Zenuwachtig begon ik mij te beseffen dat de fiets ook weer in elkaar moest en mijn vader zou zich wel af vragen waarom het schoonmaken zo lang duurde. 

Youtube bestond nog niet, dus ik probeerde uit alle macht te herinneren hoe ik de fiets uit elkaar had gehaald om zo te bedenken hoe de fiets weer in elkaar gezet moest worden. Met zweet op het voorhoofd, probeerde ik wanhopig elk onderdeel weer in elkaar te zetten. Toen het geheel weer op een fiets leek, stapte mijn vader het magazijn in. Vol trots en spanning liet ik mijn vader de schone fiets zien. Hij was trots op mij. Plots zag hij een bult moertjes, boutjes en kogeltjes liggen. “ Heb ik allemaal overgehouden…. goed hè”, zei ik nog bijdehand. 

Harm Heijes de fietsenmaker had zijn werkplaats vlak achter ons huis. Mijn vader en ik zijn met mijn fiets tussen ons in naar hem toe gelopen. In mijn rechterhand had ik een zak met onderdelen…..

Voor 100 gulden heeft Harm mijn fiets weer voorzien van de losse onderdelen. Jaren later moest ik een keuze maken voor mijn vervolgstudie. De scholen hadden een open dag op zaterdag. De decaan van technische school MTS deed zijn best om mij te overtuigen dat zijn opleiding een goede keuze zou zijn. Mijn vader knipoogde naar mij en Lars ging naar de middelbare detailhandelschool. Lars kon beter fietsen gaan verkopen. Elk z’n vak.

Tot vrijdag 7 februari.

Groeten,

Lars

Geef een reactie